Mijn december

Gepubliceerd op 20 december 2025 om 02:53

Arts zijn én moeder zijn was soms moeilijk te combineren.
Met dank aan de ochtendopvang en de onuitputtelijke creativiteit van school.

Het was pikdonker. Het was ijskoud.
En ik leidde een parallel leven tussen plannen, improviseren en existentiële twijfel.

Elke ochtend moest ik om 8.00 uur op mijn werk zijn.
Uiterlijk om 7.30 uur moest ik vertrekken om de overdracht te halen.
De kinderen begonnen om 8.30 uur op school.

In theorie.
In de praktijk was elke ochtend een strakke regeling waarbij timing, logistiek en improvisatie tegelijk essentieel waren.
Ik breng vaak mijn kinderen naar andere ouders in de ochtend.
Echte engelen op aarde. Serieus.

In de winter wilde mijn moederhart ze zo lang mogelijk thuis houden.
ik laat een oppas komen.
Maar één onverwachte uitslaapactie van de oppas was genoeg om alles te laten instorten.

Code rood.
Binnen vijf minuten nieuwe opvang vinden.

De laatste keer stond mijn jongste buiten voor de deur.
Hij keek me streng aan:

“Mama. Kijk. Het is donker. Het is koud.
Er is geen enkel kind buiten. Behalve wij.”

Ik was even bang dat hij Veilig Thuis zou bellen.
Dank je wel, lieverd, voor je filosofische weerupdate, precies wat ik nog nodig had op de rand van mijn eigen chaos.

Na honderden appjes propte ik ze in de bakfiets en leverde ze af bij andere ouders.
En daar: opluchting.
Mijn kinderen werden spontaan vriendelijker.
Ze glimlachten.
En ik ook.
Tijdelijke overwinning.

Het mysterie van het schoolplein

Kinderen naar school brengen bleek een sleutelmoment.
Dat mis ik.

Het voelt alsof het hele sociale leven van de wijk zich daar afspeelde: belangrijke informatie, nieuwe vriendschappen, speelafspraken en geheime ouderallianties.

En ik?
Een uur kletsen voor het hek? Onmogelijk.
Serieus… wat dóén die ouders voor werk?
Geen trein die ze moesten halen? Geen vergaderingen? Hoe dan?

Eerste criterium van de afwezige moeder: geen tijd om te kletsen op het schoolplein.

Sinterklaas en de Surprise

Op school trokken de kinderen lootjes.
Mijn zoon kwam thuis, trots als een pauw:

“Mama, ik heb het briefje van “K” ik weet precies wat zij leuk vindt.”

Thema: Roblox.

In al zijn onschuld pakte hij een doos, plakte die wat scheef in, rolde een vel papier op en maakte er een Roblox-figuurtje van.
Het was geen Pinterest.
Het was geen Instagram.
Maar het was hij.

Het was een duidelijke, lelijke Roblox.
Hij had alles zelf gedaan.
En hij was trots.

De avond ervoor schreef hij een gedicht. Met de hand. Met zijn woorden.
Kort, met mooie poëtische zinnen.
Ik was zó trots.

En toen: shit.
Ik was het cadeautje vergeten. Vijf euro. Ni plus ni moins, volgens mijn zoon.

Paniek naar de Albert Heijn om 20.00 uur.
Ik vond iets. Wat precies? Geen idee meer.
Niet goed genoeg volgens mijn zoon. Zij wilde gummen.
Het cadeautje was ook nog duurder dan vijf euro. Afgekeurd.
Maar er was geen andere keus. Te laat.
Toch ingepakt. In de Roblox-doos.

Mission accomplie.
Ik ging opgelucht naar bed.

De volgende dag, tijdens mijn poli – patiënt in Mingazzini-positie – kreeg ik een belletje van school.
Bijna een hartstilstand.
Ik dacht dat er iets met een van de kinderen was.

Ik belde terug.
Bam. Een boze juf:

“Dit is niet haalbaar. Het is zielig voor het kind dat de verrassing krijgt.”

Andere kinderen hadden prachtige surprises, voegde ze eraan toe.

Natuurlijk, want die kinderen waren niet alleen. Het was duidelijk dat hun ouders hadden geholpen, maar ze hadden ook echt de tijd genomen om de surprise te maken.

Het was niet de mooiste surprise ooit.
Maar hij had het zelf gedaan.
En ik had geen tijd om een gigantische kartonnen muffin te bouwen die dagen zou kosten en op 6 december in de blauwe kliko verdween.
En eerlijk: ik was slechter in surprises dan hij.

“Ja maar het is zielig voor het andere kind.”
Oh ja, arme K., met haar Roblox-doos en een cadeau dat niet op haar verlanglijst stond.

Ik vroeg trots:

“En het gedicht?”

“Andere kinderen hadden lange, geprinte gedichten.”

Ik dacht: laat ik hier maar geen discussie over aangaan.
Of hij zijn eigen gedicht opnieuw moest maken?

“Oh nee hoor. Dat is niet zo belangrijk. Niemand kijkt daar echt naar.”

Waarom vragen jullie het dan?
Waarom breek je zijn trots?
Waarom leer je hem zo vroeg dat hij niet genoeg is?

Geen tijd en geen talent voor Sinterklaas op competitieniveau.
Volgend jaar huur ik iemand in. En ja, ChatGPT voor het gedicht.

Criterium 2: Slecht in Surprise maken.

De remake

Na werk toch maar naar de speelgoedwinkel.
Gummen gekocht.
Extra knutselspullen die ik eigenlijk niet nodig had.

Iets later dan normaal van de BSO opgehaald.

Toen ik vertelde dat de surprise opnieuw gemaakt moest worden, huilde hij heel lang.
Daarna droogde hij zijn tranen en hielp me.

We begonnen iets te maken… en het werd iets anders.
Er werd geplakt, geplakt en nog eens geplakt.
Het eindresultaat? Een ecologische ramp.

Hij vond hem rommelig.
Maar hij wilde mij niet kwetsen.

“Mama, hij is goed genoeg voor 5 december.”

De volgende dag: stilte. Geen woord meer over de surprise.

Met pijn in mijn hart ging ik naar bed.

Kerst: de finale chaos

Ah, Kerst.
De periode waarin ik officieel PTSS had ontwikkeld.

De ouder-WhatsAppgroep was oncontroleerbaar.
Elke melding veroorzaakte paniek: cadeaus voor de juf, kerstdiner, knutselhulp, kerstmarkt, verkeerde kersttrui, koekjes bakken met foto en recept.

Oh ja, Paarse Vrijdag.
Appje om 19.00 uur:

“Morgen paars aankleden.”

Geen paarse trui om 19uur
En er bestaat geen paarse Minecraft.
Misschien waren alleen mijn kinderen groen op Paarse Vrijdag.

De verkeerde kersttrui

Ik wist niet waar de truien waren.
Ik wist niet of ze nog pasten.

Om 17.00 uur, in commandomodus, racete ik door de stad en kocht twee truien voor allebei.
Ik was trots: ik had een schoolprobleem geanticipeerd.

Voor mijn nachtdienst legde ik alles klaar.

“Jaaa, gelukt!”

Reactie:

“Die ga ik niet aantrekken. Ik wil de groene Minecraft-trui met Creeper en kerstmuts van vorig jaar.”

De decodering van zijn zin heeft even geduurd.
Ik: “Die is te klein.”
Hij: “Geeft niet.”

Vijf minuten voor een nachtdienst geef je toe.
Ik dook in oude kleding.
Wonder boven wonder: gevonden. Mouwen te kort, maar lelijk genoeg.
Deal gesloten.

De kerstmarkt

Weer vijf minuten voor vertrek naar werk: knuffel geven.

“Mama, heb jij vijf euro in een portemonnee met onze namen erop gedaan voor de kerstmarkt?”

Het was letterlijk wat er in de instructies op de ouder-app stond die ik ergens die week had gelezen.

Nee. Paniek. Geen kleingeld.
Spaarpotten doorzocht.

“Mamaaan, dat mag je niet doen! Ik wil morgen mijn 10 euro terug!”

Nog snel bestek zoeken voor het kerstdiner.
Stickers erop, volgens de strenge instructies in de oudergroep.
Ik was te laat.
Fietste keihard naar werk.

Na de nachtdienst, volledig dazed, ging ik in plaats van slapen naar de kerstmarkt.
Als een zombie.

De juffen keken me aan:

“Oh… ze is er toch.”

Ik was stiekem trots dat ze de kersttruien toch aan hadden.

Het ene kind wilde zijn geld niet uitgeven, maar wilde wél eigen knutselwerkjes.
Het andere kocht zelfgemaakte knutselwerkjes en besteedde de rest aan nep-chocolademelk.

Ik was continu op zoek naar mijn jongste, die niet alleen mocht lopen.
Om 11.00 uur leverde ik hem weer in, helemaal onder de chocolademelk.

Eindelijk mocht ik naar huis.
Slapen. Met een tevreden geweten… maar nog steeds tien euro schuld.

Het kerstdiner (final boss)

PDF in de oudergroep.
Naast mijn kind stond: Taart.

Ik: “Hoezo taart?”

Het was een pdf document ik kon het niet wijzigen
Hij: “Jij kan dat.”
Ik: “Ik heb nachtdienst.”
Hij: “Geeft niet, jij kan dat. Ik ga je helpen.”

Zijn broertje moest romige tomatensoep maken.
Hij haat  zijn klas zo erg dat hij ervan overtuigd was dat hij  iedereen wilde vergiftigen.

ik: ‘Als ik een taart maak voor A., kan ik er ook eentje maken voor jouw klas.’
Hij, heel serieus:
‘Hoeft niet. ZIJ ETEN DE SOEP.

Mijn vermoeden bevestigd: hij haat zijn klas.
Of hij maakte gewoon een strategische keuze. I don’t know.

Na de nachtdienst: mollycake, rolcake, ganache, beurre salé, botercrème.
Ik bakte mijn frustraties eruit.
Om 12.00 uur naar bed.Om 15.00 uur wakker gemaakt met “Is de taart klaar?”

Uit mijn dromen gehaald:

‘Euh… nee. We moeten hem nog versieren.’

Het is gelukt.

Geen Cyril Lignac, maar een heel mooie taart.

We hebben er eentje extra voor onszelf gemaakt.

De tomatensoep was ook lekker.

Conclusie van de kinderen:

“Mama, je kan geen surprise maken, maar wel taart.”

Kinderen aangekleed. Ze waren prachtig.

Ze gingen trots naar hun kerstdiner.
Ik was op.
En blij dat december voorbij was.

Ouder-appjes uit.
Ik mocht weer gewoon moeder zijn.

Happy 2026.

Reactie plaatsen

Reacties

Jorrit
een maand geleden

Ik zie je vooral op werk, en ik weet wel van jouw thuissituatie, maar zo hierover lezend neemt mijn bewondering voor je nóg verder toe! Dat 2026 mag brengen wat je ervan hoopt!

Maak jouw eigen website met JouwWeb